Prinseneilanden


Op ongeveer 20 kilometer vanaf de kust van Istanbul liggen de prinseneilanden. De eilanden hebben hun naam te danken aan Byzantijnse prinsen. Deze werden verbannen naar de eilanden en waren niet meer welkom op het vasteland. De in totaal negen eilanden zijn absoluut een bezoek waard. De eilanden zijn alleen per boot te bereiken.

Van de negen eilanden zijn er maar vier bewoond: Buyukada, Burgazada, Heybeliada en Kinaliada. In de winter wonen hier ongeveer 6.000 personen. In de zomermaanden is dit een stuk hoger, namelijk 40.000 personen. Op geen van de eilanden is een auto te vinden. Het is namelijk niet toegestaan om met motorrijtuigen te rijden. Wel kan men zich per koets, paard of fiets verplaatsen.

Het grootste eiland is Buyukada. Dit eiland is bekend om de mooie zandstranden. Langs de kust zijn gezellige restaurants. Bezienswaardigheden zijn het Sint-Jorisklooster en de Hogere Zeevaartschool. Daarnaast is er een klokkentoren met een gezellig pleintje, een kleine winkelstraat en vele restaurantjes en eetgelegenheden.

De andere vijf eilanden, Sedef Adasi, Yassiada, Sivriada, Tavsanadasi en Kasikadasi zijn niet bewoond. Dit betekent dat er ook niet veel toeristen zijn te vinden. Het is wel mogelijk om deze eilanden te bezoeken.

Bij de prinseneilanden is er ergens een vuurtoren met een vlag die uit de zee steekt. Dit is officieel het tiende prinseneiland. Deze is meer dan 100 jaar geleden door een aardbeving maar liefst 5 meter onder water komen te staan. Met een boot kan de vuurtoren die nog wel boven water staat worden bekeken.

Vanuit Istanbul zijn er twee plaatsen waar de veerboten naar de Prinseneilanden vertrekken. Vanaf Katabas, bij het Dolmabahce Paleis en vanaf Kadikoy aan de Aziatische kant van Istanboel. Alleen de vier grote prinseneilanden zijn goed te bereiken. Een fiets huur je voor ongeveer 7,50 euro per dag.